Hilversum Tuinstad - 'Mijn eigen verhaal', Janneke Monshouwer



0_of_1_320x468.jpg

Hier sta ik op mijn geboortegrond, de grond van mijn moeder en mijn grootvader Daams.


± 1995 Janneke: dit is de bodem van mijn bestaan. Ik ben geboren en getogen in hartje Hilversum naast de Kerkbrink, in de Zon en Maanstraat.



Jaren 90: het hele centrum van Hilversum ligt open, een enorme bouwplaats. Een Open Hart operatie. Dit is een kritieke chirurgische ingreep.


En nu in 2007: om goed te beseffen wat Hilversum in huis had aan kwaliteiten, haal ik nu eerst de sfeer van het verleden terug, vanuit mijn eigen leven en van mijn voorouders. Dat inspireert om een gevoel te krijgen voor het wezen van Hilversum en een lange termijn "over all" visie te ontwikkelen voor de toekomst van Hilversum als Tuinstad.


Ik ga nu eerst naar de Kerkbrink, net om de hoek van de plek waar ik geboren en opgegroeid ben.

ca 1860 Kerkbrink Veemarkt, schilderij van James de Rijk. In deze periode, op 11 mei 1863, is mijn grootvader geboren in de Kerkstraat: Hermanus Daams. In die tijd had zijn vader, mijn overgrootvader, al een smederij in de Kerkstraat. Die smederij is opgericht in 1852.

De Kerkbrink in 1880. Toen was mijn grootvader 17. Dit is allemaal vóór de grote brand, waarbij het rechthuis en de kerk verwoest zijn met archieven van Hilversum, waardoor een groot deel van ons Hilversumse geheugen verbrand is. Hierna zijn het nieuwe Raadhuis en de Grote kerk gebouwd.


Kerkbrink 1920 Kerkbrink: het oude postkantoor


Kerkbrink 1997 Kerkbrink tot 2006


Er zijn veel veranderingen geweest, maar nu ziet de Kerkbrink er zo uit: 2007





Nu hier net om de hoek, de Zon en Maanstraat, waar ik geboren ben.

Hoe is onze familie daar gekomen?

Mijn moeder Francina Daams is 100 jaar geleden, in 1907 geboren. Ze werd de STER van de Zon en Maan genoemd. Kort voor haar dood in 1985 schrijft ze: het was voor mij een plezierige ervaring toen ik het geboortehuis van mijn vader in de Kerkstraat zag op de tentoonstelling van de Historische Kring "Albertus Perk".


Mijn moeder beschrijft: "hier in de Kerkstraat zie je links de kledingzaak Noordman, daarnaast de handkarren van Smederij Daams, Jan Willem Frederik Daams, mijn grootvader. Op deze foto zijn al veel winkels te zien, maar toen mijn overgrootvader daar begon in 1852, was dat de allereerste winkelpui in de Kerkstraat Nr 74."


ca. 1885 of vroeger. Mijn moeder zegt bij het zien van deze foto: "Hoe landelijk! De eerste winkelpui in de Kerkstraat nr. 74 van mijn grootvader Jan Willem Frederik Daams, smid van beroep, met een gezin met zes kinderen. Zij kregen vijf zoons en één dochter, waardoor de voortgang van de smederij en de winkel verzekerd was. Op de foto staat mijn vader Hermanus Daams (geboren in 1863) naast de handkar. Mensen midden op straat. Vanuit de deur mijn oom Jan Daams, broer van mijn vader, die daar een klein sigarenwinkeltje had." In mei 2007 ziet Kerkstraat nr 74 er zo uit:



ca. 1885 of vroeger. "dit is Kerkstraat 74, in de binnenplaats. Mijn moeder's grootmoeder Francina Daams bleef als weduwe achter met een heel gezin. Aan het wiel: mijn vader Hermanus Daams."


"Oom Hendrik, de oudste, bleef daar in de Kerkstraat wonen. Die Smederij heeft het op nr. 74 nog lang weten vol te houden."

Later is de smederij verplaatst naar het Brinkje bij de Oude Doelen. De Smidse is nu een petit restaurant en ziet er in 2007 zo uit. Mijn moeder vertelde: "Mijn vader Hermanus kocht van zijn erfdeel huizen (straten), grond, en een smederij in de Zon en Maansteeg."


"In ca. 1900 was mijn vader in de Zon & Maan gaan wonen en had hij zijn smederij ingericht. Zo kwam mijn vader in de Zon & Maanstraat. Mijn vader trouwde in 1904 met Jansje Knegt (zijn huishoudster), en in 1907 aanschouwde ik (Francina) het levenslicht."


Fabrikeurshuis Zon & Maanstraat 39B. Mijn moeder schrijft verder: "wat was het een heerlijk huis waar we woonden. Ons huis had een vliering en wel 28 kasten groot en klein, een flinke tuin, waarin 3 kastanjes, 2 appelbomen, een pereboom en later ook een notenboom. Ook een prachtige linde. Het groene hart van Hilversum."

Generaties lang genoten we van deze lommerrijke plek, de heerlijke tuin voor en opzij van het huis

Een idyllisch prieel begroeid met klimop. Op de achtergrond het kantoor van Schaafs Boekhandel



ca. 1951: mijn zus Lien en haar vriendin Marieke, dochter van Frans Renou, onze buren. Rechts het fabrikeurshuis van Taverne, dat door Hilversum Pas Op! in de Herenstraat herbouwd is.

Vanaf de Vaartweg kijk je de Zon en Maan in. Onze tuin is zichtbaar, ons fabrikeurshuis ligt naar achteren tussen het fabrikeurshuis van Taverne en Schaaf's boekhandel in, met aan weerszijden een gang of pad. Dat buurtje was een paradijs. Alles is afgebroken behalve Schaaf. Nu in 2007 ziet het er zo uit.


Mijn moeder heeft al eerder ingrijpende veranderingen hier in hartje Hilversum meegemaakt:


In 1914 werd de boerderij van Splint gesloopt, de buren van Vaartweg 1. (Later is Schaaf daar gekomen). Ze schrijft: "ik zie in gedachte de oude Splint nog lopen, een pijp hangende aan z'n omgekrulde onderlip; achter de boerderij waren 4 woonhuizen en een groot breed zandpad ernaast afgezet met ijzeren punthekken. De bebouwing van Splint (en later Schaaf) met vier woonhuizen erachter, liep parallel aan ons fabrikeurshuis ook met 4 woonhuizen erachter. Daartussen was een breed zandpad."

Mijn moeder schrijft later: "Toen werd het 1914. De boerderij van Splint was afgebroken, prikkeldraad er omheen. Maar er lag geel zand en wij kropen al gauw onder het prikkeldraad door om er met emmertjes en schepjes te spelen."


In 1920 werd de oudste dorpsmolen de "Erfgooier" gesloopt aan de Boomberglaan hoek Vaartweg.


In ± 1928. De foto is in onze voortuin genomen. Een nieuwe sloop. Het is op de achtergrond zo kaal omdat de woning met bakkerij van J. Das op het hoekje van de Kerkbrink net is gesloopt. Daarom kun je zo vanuit onze tuin Apotheek Heemskerk Dücker zien. Das heeft daar een rij grotere winkelpanden laten plaatsen. Op dat punt kwam Het Vrije Volk. Hier staan mijn moeder en twee hartsvriendinnen: Tante Stien Baarda-van Ugchelen en tante Bap van den Berg-van Dijken. Hun dochters zijn hier nu aanwezig op het symposium, mijn vriendinnen: Hélène van Grafhorst-Baarda, de kleindochter van dominee van Ugchelen en Paula van den Berg, de zus van Erik van den Berg.


Wat moeilijk om te verwerken is geweest: de mooie pastorie van Tante Stien's vader (Hélène's grootvader), ds. Van Ugchelen aan de 's Gravelandseweg werd gesloopt.

Dit is achter in de tuin. Mijn moeder beschrijft onder meer: "We klommen in de brede vensterbanken en zaten daar prinsheerlijk uit te kijken of de paardentram soms langs zou gaan.


De Pastorie maakte plaats voor:

En dan verdwijnt het mooie huis van tante Bap, Paula en Erik van den Berg, Ministerlaan 4A:

met de prachtige tuin en hun praktijk voor tandtechniek grenzend aan het Noordse Bosje. Weg.


Nu is dit er: de doorbraak naar de parkeergarage en de Profimarkt.


De villa Vaartweg 52A hoog op de heuvel, waar Paula van den Berg is geboren: ook weg.


Mijn moeder was assistente van kruidendokter Van Osch, aan de Vaartweg. Ik ben daar zelf ook vaak geweest. Ook dat mooie huis is verdwenen. Alle veranderingen waren in en rond het centrumgebied.


Nu ga ik terug naar de Zon en Maan. En schrik niet: de achterkant van ons fabrikeurshuis, met achterdeuren. Mijn grootvader Hermanus Daams op de voorgrond met twee families die achter wonen, zittend op de waterput. Grote gezinnen, familie van mijn grootmoeder Jansje Daams-Knecht. In die tijd, 1926, bestonden geen sociale voorzieningen. Mijn grootouders en later mijn moeder hielden de huren zeer laag en hielpen financieel. Mijn moeder vertelde hoe moeilijk het toen was de grote armoede en ellende van veel gezinnen, vaak met alcoholisme.

Mijn moeder schrijft: "wat had ik grote bewondering voor mijn vader! Hij maakte mooie fornuizen, hekken, rijtuigen, enz. Hij was altijd in een goed humeur. Hij maakte grapjes met mijn moeder. In een gedicht aan hem gewijd stond: "De klanten houden veel van hem. Hij is heel amicaal met allen. Hij zegt doodkalm maar 'jij' en 'jou' en dat schijnt ieder te bevallen."


Dezelfde plek 37 jaar later, in 1966. De fabriek (voormalige smederij van mijn grootvader). Daarachter was een tapijtfabriek, die kwam uit aan de Langestraat. De fabriekspijp is nog zichtbaar op de foto.

Erg leuk was: er lag een flinke tuin annex boomgaard verscholen achter de lelijke houten schutting. Daar heb ik eens een tuinfeest gegeven, toen mijn ouders met vakantie waren. Ik was toen 22, werkte bij het NOS Journaal. Het hele Journaal kwam feesten. Ik kreeg grote dekzeilen van de dekorafdeling in bruikleen, die zwaaiden we over bomen heen, zo zaten we droog als het misschien zou regenen. En zo kregen we een feeerieke sfeer met alle lichtjes. Op het pleintje voor de fabriek konden we parkeren.


Links stond het fabrikeurshuis dat nu in het historische buurtje staat


dankzij Hilversum Pas Op!


Toen ik geboren werd (1943) woonde in het voorgedeelte van dit fabrikeurshuis de familie Broeckx: Vader, moeder (dochter van Taverne), en hun dochter Jeanne, de vriendin van mijn moeder. De grossierderij van Taverne was er niet meer. Ik heb Taverne nooit gekend. De winkel werd door de fam Broeckx als woonhuis gebruikt.


In het midden, Zon en Maanstraat nr 25, je gelooft het of niet, woonde Oom Koen de schoenmaker. Hij werd natuurlijk veel geplaagd met het liedje: Koen maak je mijn schoen, ja mevrouw ik zal het dadelijk doen. Enz. Hij was altijd achter het open raam aan het werk. En je hoorde hem altijd vrolijk fluiten. Dat kon je overal horen. Ik vond het heerlijk om bij hem in het raam te zitten, dan sloop ik de achterdeur uit en dan was ik er meteen. Als ik de voordeur uit liep dan moest ik altijd helemaal omlopen, de Zon en Maan in, rond het hek van onze voortuin, dat was veel te veel werk.


Hier zie je de linde goed. Op de achtergrond de ramen links zijn van Oom Koen. Alle buurkinderen waren dol op Oom Koen, en ik ook! Hij heeft een keer mijn zus Lien gered. Lientje speelde in de box onder de linde. Maar opeens begon ze erg te huilen. Ze had haar hoofd tussen de spijlen door gewurmd, maar kon niet meer terug. Oom Koen is razendsnel als een springpaard over twee tuinhekken heen gesprongen en trok met zijn handen zo de spijlen uit elkaar. De ramen rechts zijn van Oom Piet Knecht, ook schoenmaker, hij bewoonde met zijn familie het achterste woongedeelte.


Ca. 1949: mijn zusjes en ik staan met mijn ouders te poseren. Erachter zie je het Vrije Volk, het Postkantoor, en een glimp van het huis van Van Hengel. Mijn zus Lien schrijft: "wat een geweldige kindertijd heb ik hier gehad." Vanuit de tuin en ons huis hadden we zicht op het winkelende publiek van de Vaartweg naar de Kerkbrink met links en rechts een boekhandel (Schaaf en AP) en het postkantoor aan de overzijde. "Je hebt geen televisie nodig, alles komt hier langs," zei mijn vader. Dat was ook zo. Alle optochten kwamen langs, en ook eenmaal de koningin (Juliana)."


Spelen in de voortuin. Hier is zichtbaar dat wij naast Schaaf wonen (links, Vaartweg 1), gescheiden door een grindpad (ons eigendom). Wij verleenden ieder recht tot overpad. Recht tegen over stond het mooie huis van Van Hengel er nog (Vaartweg 2). Daarnaast is de Torenlaan.


Maar in maart 1953 is dit prachtige huis gesloopt. Toen was ik 10 (Janneke).


Sindsdien konden we de hele Torenlaan doorkijken.


Ca. 1965: mijn zus Lien is aan het badmintonnen. Hier is te zien dat we zo de Torenlaan in kijken. Dat terrein heeft 53 jaar braak gelegen, tot voor kort. In 2006 begonnen ze te bouwen.


Nu in mei 2007 is het nieuwe huis aan de overkant net af. Mensen vragen me: hoe vind je dat?


Dit is maar een klein puntje op de i. De grote ingreep was in 1969 de sloop van ons huis, en het prachtige buurtje. Alles ging plat. Onze buurman van Schaaf, Frans Renou, bleef op een eiland achter, zo geschokt dat hij sindsdien opkwam voor het erfgoed van Hilversum.


Ik ga terug naar de periode van voor 1969. Ca 1950. Dit ben ik, Janneke. Hier zit ik helemaal achter, opzij van ons huis. Daarachter zijn 3 kleinere woningen. De tuinen grenzen aan het zandpad.


Links staat ons huis met 3 huisjes daarachter aan vast. Het pad loopt tot het huis aan het einde. Achter zie je een glimp van onze fabriek (vroeger smederij) en daarachter de pijp van de tapijtfabriek die grensde aan de Langestraat. Rechts van het pad zijn de huizen achter Schaaf. Ons huis moest gesloopt worden vanwege een rondweg die zou komen. Het huis is in 1969 gesloopt, maar de grond heeft 26 jaar braak gelegen. Dat was zo'n desolaat gevoel.

Tante Mien Voerman en Mevrouw Pels, in de huisjes achter Schaaf. Het waren vriendelijke, karakteristieke huizen met flinke tuinen die tot de Kolenstraat reikten. De tuin van de fam. Pels was een soort boomgaard. We raapten daar jaarlijks appels en pruimen. In de tuin van Voerman was een flink kippenhok. We vonden het doodgewoon om hanengekraai te horen. Mevr. Voerman hielp mijn moeder veel in de huishouding. Vaak kochten we eitjes van Mevr. Voerman.


Vanuit onze voortuin nr. 39B zie je goed het mooie huis opzij, met twee woningen. En daarachter, in de hoek rechts stond nog een vrijstaand huisje, ook met een diepe, mooie tuin. Het was zo'n bijzonder mooi buurtje! Nadat ons huis gesloopt was, is het rechterhuis nog in gebruik geweest door Renou.


Toch in 1988 is dit huis met boomgaardje en tuinen gesloopt. Pech voor iedereen.

Een laatste restje van het paradijsje. Ons huis is al weg. De rondweg is er al.


1988 De sloop van het prachtige vrijstaande huisje achter, de tuin grenzend aan de Kolenstraat.


Zo was het: hier zie je goed de heerlijke ruimte die er was. Maar hier is nu de rondweg met parkeergarage. Nu wordt door mensen beweerd: liever geen parkeergarages in de binnenstad, de straten en de bebouwing redden het niet. Bouw liever parkeergarages buiten het centrum en zorg voor goedkoop openbaar vervoer: minibussen, maxitaxi's.


De zeer armoedig tonende bebouwing achter Schaaf. Ik word steeds misselijk als ik het zie.


Hoe heeft dit kunnen gebeuren? In die tijd was ik veel op reis voor mijn filmwerk. En opeens toen ik terug kwam stond dit er. Op deze oorspronkelijk lommerrijke plek zie ik geen boom, geen struikje, geen plantebak, niets. Sorry dat ik het zeg, maar hier ga je dood. Dit zou ik graag willen opknappen.


Ik heb er één woord voor: een ghetto. Mijn handen jeuken om hier een paradijsje van te maken.


De Zon en Maanstraat vóór de grote sloop: met uitzicht op de Vaartweg. Als iets op de nominatie staat om gesloopt te worden, dan holt het in sfeer achteruit en denk je: goed dat het weggaat. Toch ach: het was zo'n lief straatje met fabrikeurswoningen en boerderijen die er dwars op lagen met diepe zijgangetjes en leuke winkeltjes, waar ik nog boekdelen over kan vertellen.


Een heel oud plaatje uit de periode toen mijn moeder klein was. Mijn moeder heeft die periode beschreven, maar daar hebben we nu geen tijd voor.


Van Henk Renou heb ik nog een zakje gekregen van Nijpjes, waar we altijd fournituren kochten.


Opvallend zijn de bomen in het smalle straatje. Rechtsachter de boerderij van Houtman.


De boerderij van Houtman is gelukkig prachtig gerenoveerd.

De Zon en de Maan fraai in de gevel.

De boerderij van Houtman van de kant van de Langestraat.

Aan de Langestraat: de ingang van het Zon en Maanstraatje met de prachtige Slagerij Van den Brink. Dat is ook weg, gesloopt. Mijn moeder schrijft erover en ik heb het zelf ook nog zo gekend.

Al vele jaren staat dit winkelpand daar links op de hoek.


De Hilversum-eigen Zon en Maanstraat is weg. Als ik er nu loop geeft dat een raar hol geluid, vanwege de parkeergarage eronder. Er ligt geen aarde op dit dak, dat geeft geen veilig gevoel. En: de bomen zijn nu pilaren. Het is hier steriel. Ik zie er ook geen sterveling. We zouden mooie gevelbeplanting kunnen aanbrengen. Het uitzicht is gelukkig nog hetzelfde: het klimophuis van Prof. Pootjes.


Er werd gefluisterd dat prof. Pootjes 30 kinderen had. Zijn zoon Jezus kocht wel 20 ons gesneden ham. Maar misschien was het een leefgemeenschap. We zagen hem bij feestdagen met veel mensen op het balkon. Ik vond het een indrukwekkend gezicht als prof Pootjes en zijn vrouw door Hilversum reden in hun enorme Jaguar, misschien Rolls Royce, en zijn vrouw die in de auto dikke sigaren rookte.


Prof. Pootjes bouwde een bijzondere tempel aan de 's Gravelandseweg (daarin heb ik later films gemonteerd bij Valkieser). Dat is allemaal weg. Gesloopt.


Hier staat nu het AKN gebouw.


Iets heel anders: jarenlang, onderweg naar school liep ik langs dit prachtige plekje op de hoek van het Kleine Ruiterswegje en de Neuweg. Als kind heb ik de sloop meegemaakt. Ook dat terrein heeft misschien wel 2 generaties lang braak gelegen (net als Van Hengel). Nu is er dit:


Het is heel gek, ik zie het steeds maar ik kan het nog steeds niet geloven.

Hier kunnen we iets uit leren. En we kunnen het wel leuk maken met een grote bol erop!


Ik zat op de Wilhelminaschool in de Koningsstraat. Die is weg. Wat is daar gekomen?


Parkeergarage Gooiland


Ik ben nog maar aan het begin van mijn leven. Mijn hele TV geschiedenis met alle bijbehorende gebouwen, is een roman apart. Mijn privéleven met al mijn woonhuizen is weer een aparte roman. Maar nu stop ik hier.



Wat ik nu op het laatste moment nog zie in Eigen Perk, het Hilversums Historisch Tijdschrift van "Albertus Perk" is een stadsplan van de Gemeente Hilversum. Ik weet niet uit welk jaar dit is, maar ik weet wel dat voor de oorlog al het achterkamerstjesplan bestond om van Hilversum een flinke stad te maken. Toch is dat nooit goed gelukt omdat Hilversummers dan in opstand komen. Toch worden heel sneaky grote dozen gebouwd. En nu: ik kan alleen maar zeggen, ik wil ook niet dat Hilversum een dozenstad wordt. Je hoeft je maar even om te draaien en er staat alweer een doos.


Ik vond dat ze zo lang deden over het RKZ terrein, dat ik zei: wat doen ze daar lang over, de bouwkeet staat er nog. Maar dat blijkt de Regenboogkerk te zijn. En de Zuiderkerk moet weg? Nou als je het mij vraagt, ik weet wel wat er beter weg zou kunnen.





Over slopen en bewaren gesproken:

De restanten van ons buurtje werden ook sloop-rijp. Op 't laatst zag ons buurhuis er zo uit.


Alleen onze mooie linde stond er gelukkig nog wel!

En het mooie fabrikeurshuis is steen voor steen opnieuw gebouwd in het historische buurtje vlakbij.


En hier gaat ons huis nr. 39B er aan. De laatste foto.


Het definitieve einde van de Zon & Maan.


Ook het definitieve einde van de fabriekjes en oorspronkelijke smederij en de bloementuin annex boomgaard achter onze huizen.

.

Ons Paradijs, het menselijke en groene hart in het centrum is weg.


Het is een grauwe kale boel geworden. Daar kan iets aan gedaan worden!


Mijn zusje schrijft tenslotte: "zo'n plek als waar wij woonden, midden in het centrum en met alle winkels 1 minuut lopen bij ons vandaan, dat was toch uniek. Je kunt die tijd en die plek niet terugdraaien, maar je kunt wel veel bewuster omgaan met de natuur, de bomen, de huizen en de mooie plekjes die er nu nog zijn."



Ik voeg er als besluit aan toe: als we allemaal gaan samenwerken, ontwerpers kiezen die gevoel hebben voor de ziel, de eigenheid van Hilversum, experts die tuinstad-architecten zijn (geen stenenstadarchitecten), en als we vakmensen vragen kale plekken weer mooi en groen te maken, zo kunnen we weer leven brengen in Hilversum. Particulieren die tijd en zin hebben, roep ik op om mee te doen met de verfraaiing van kale plekken. We kunnen weer een paradijs scheppen van Hilversum. Ontwikkeling van een Tuinstad.


Einde




27 mei 2007, Janneke Monshouwer, Tel 035 628 1805 Mobiel 0622 93 92 99

Email Monshouwer@xmsnet.nl Website: www.jannekemonshouwer.nl

Hilversum Tuinstad